Het recht wikt, de verzorger beschikt
Bij de Europese verkiezingen van 2009 mochten mensen die onder curatele staan voor het eerst stemmen. De politiek heeft er meer dan vijf jaar over gedaan om dit burgerrecht voor deze groep waar te maken. In hoeverre is het mogelijk dat curandi nu ook werkelijk op 9 juni naar de stembus zullen gaan? De zaak werd in 2002 op de agenda gezet door Martijn Greuter, een destijds 22-jarige man met een licht verstandelijke beperking. Hij wilde zich laten inschrijven als kiezer. Zijn gemeente weigerde dit omdat hij onder curatele stond. Martijn is zeer goed in staat om zijn woordje te doen. Bovendien gaf hij er duidelijk blijk van dat hij inzicht had in het politieke reilen en zeilen. Het onthouden van stemrecht aan Martijn werd landelijk nieuws.
Martijn ging tegen de weigering in beroep bij de Raad van State. Hoewel Martijn de zaak niet direct won, erkende de Raad van State dat uitsluiting van het kiesrecht onder omstandigheden in strijd is met het Internationale Verdrag inzake Politieke Rechten. Bovendien stelde de Raad vast, dat het niet aan de rechter is om te oordelen over kiesrechtuitsluiting, maar dat de wet dit moet regelen. Dat betekende dat de politiek aan zet was.
Na veel wikken en wegen koos de regering ervoor de kiesrechtuitsluiting voor curandi te laten vervallen. In de discussie speelde een aantal argumenten een belangrijke rol. Men zag als kern van de ondercuratelestelling het in bescherming nemen van mensen, niet het ontnemen van rechten. Daarnaast wilde men stimuleren dat iemand die onder curatele staat en zijn belangen redelijke kan afwegen, zoveel mogelijk rechtshandelingen en andere handelingen zelf verricht. Tot slot vond men dat – door de afschaffing van de kiesrechtuitsluiting – het kiesrechtregime voor de kleine groep curandi (ongeveer 20.000 personen) gelijk is getrokken met de veel grotere groep personen die niet onder curatele staat maar bijvoorbeeld alleen een mentor heeft, terwijl zij een vergelijkbare geestelijke gesteldheid hebben.
Vervolgens moest de Grondwet en de Kieswet gewijzigd worden. Dat is een zware procedure. In de wandelgangen werd deze wetswijziging ook wel de ‘wet Martijn’ genoemd. Dit alles heeft ertoe geleid dat Martijn Greuter uiteindelijk op 29-jarige leeftijd, na een lange weg, voor het eerst mocht gaan stemmen.
Onlangs onderzocht Markant, het maandblad voor de gehandicaptensector, vijftig woongroepen in Nederland. Het bleek dat de meeste oproepkaarten voor de verkiezingen in deze instellingen in de prullenbak belanden.
De politiek heeft Grondwet en Kieswet aangepast na een uitgebreide en diepgaande afweging die ongetwijfeld gevoed werd door maatschappelijke ontwikkelingen. In feite moet men nog de laatste stap nemen. Immers hulp bij stemmen is volgens de Kieswet alleen toegestaan bij mensen met een lichamelijke beperking. Dit zou uitgebreid moeten worden naar alle beperkingen. Daarnaast rust op ouders en verzorgers de verantwoordelijkheid om deze rechtsontwikkeling waar te maken. Sluitstuk van de discussie die door Martijn Greuter is gestart, is het bewust ondersteunen van hun pupillen, indien deze wensen te stemmen. Het achteloos weggooien van de stempas is, hoe dan ook, uit de tijd.
Website: http://www.clientenbelangutrecht.nl





Plaats een reactie
Om een reactie te plaatsen moet je eerst inloggen. Deelname aan het sociale netwerk Deeljezorg.nl is gratis: meld je nu aan.